Home

Aflevering 23 van "Doorgaan, Frieda, vooral doorgaan"

"Ook Hans kan ik uitstekend voor de gek houden"

Omdat Hans het vreselijk druk op zijn werk heeft, komt hij vaak pas om een uur of zes thuis. Dan kan ik niet van hem verlangen dat hij ook nog eens boodschappen doet en eten kookt.

Hij is daar overigens niks te beroerd voor en als hij zou weten dat ik zo'n beetje op mijn wenkbrauwen loop, dan zou hij vast wel naar een oplossing zoeken.

Maar ook Hans kan ik uitstekend voor de gek houden. Ik slik handen vol met pijnstillers en ontstekingsremmers om het een beetje draaglijk te houden, maar ik barst elke dag van de pijn in mijn kop en mijn 'sodemieter'.

Ook aan de jongens kan ik nu geen hulp vragen, want Dennis zit midden in de hectische tijd van het HAVO-examen en Marcel moet hard blokken om naar de volgende klas over te kunnen gaan.

Aan mijn hobby's kom ik helemaal niet meer toe. Het schilderij voor Els is het laatste dat ik gemaakt heb. Ik heb totaal geen puf meer.

Eczeem

Ik heb weer flink last van eczeem, dus ga ik maar weer eens naar de dermatoloog. Ik zeg niks over mijn andere klachten, maar hij ziet gewoon aan me dat ik vreselijk moe ben en daarom wil hij uitzoeken of mijn bloed in orde is. "Maar het kan natuurlijk ook door een depressie komen, mevrouw!" Natuurlijk, denk ik chagrijnig, het zal niet!

Thuisgekomen zoek ik in de brochures van de L.E.-vereniging naar het stukje dat gaat over depressies. Hierin staat dat ze veel voorkomen bij L.E.-patiënten. Enerzijds kan de ziekte zèlf depressies veroorzaken, anderzijds kan het zijn dat men neerslachtig wordt als gevolg van het verliezen van de vroegere gezondheid. En wat een depressie inhoudt, dáár weet ik alles van. Maar of het één nu het gevolg is van het ander of andersom, dáár zijn ook in het verleden de meningen wel over verdeeld geweest.

Terug in de tijd...

De eerste keer dat ik van de huisarts te horen kreeg dat ik depressief was, was enkele maanden na de laatste buikoperatie. Ik herinner me nog goed dat ik in die tijd voortdurend gekweld werd door gewrichts- en spierklachten en dat ik af en toe werd overvallen door een enorme lamleggende vermoeidheid.

Ik was al onder behandeling van Dirk, onze vrolijke fysiotherapeut, maar er was geen beginnen aan. Ik kon mijn klachten ook zo verdomd moeilijk omschrijven, want het zat niet alleen in mijn rug of in mijn benen. Nee, ik had werkelijk over mijn hele lichaam pijnklachten en leg dat maar eens uit.

De ene keer een korte felle pijn in mijn bovenbeen, dan weer een zeurderige pijn onder in de rug, een niet om uit te houden stekende pijn achter mijn oor, gemene speldenprikken in mijn vingers, akelige pijnscheuten in mijn armen, het gevoel van beurse plekken op mij ellebogen en zo kan ik nog wel een half uurtje doorgaan. En er was helemaal niks te zien! Leg dat maar eens uit, dus. Sterker nog, probeer dat maar eens te behandelen.

Ik wenste weleens dat er iedere keer een lampje ging branden als ik een pijnscheut kreeg, dan kon men het zien. Maar aan de andere kant zou ik dan net een lopende kermisattractie zijn. Vooral in perioden van rust leek de pijn wel op zijn hevigst, dus probeerde ik zoveel mogelijk aan het werk te zijn.

Vandaar die vermoeidheid natuurlijk. Ik was al een paar keer bij mijn huisarts geweest, die een bloedonderzoek deed en van mijn rug foto's liet maken, maar meer dan een lichte scoliose werd er niet gevonden. Voor hem dus, logischerwijs, aanleiding om naar mijn psychische gesteldheid te vragen. Omdat ik nogal emotioneel reageerde, spraken wij af dat ik zo af en toe bij hem langs zou komen voor een gesprek.

Het begon mij steeds meer te benauwen, ik had maar weinig aandacht voor Hans en de jongens, was compleet lusteloos en zag op een gegeven moment zelfs de zon niet meer schijnen. Ik zat hopeloos met mezelf in de knoop.

Op een vrijdag zat ik, zoals gebruikelijk, achter mijn bureau van het reclamebureau. Iedereen was weg en ik kon me onmogelijk concentreren op mijn werkzaamheden. Ik voelde me zo verschrikkelijk gejaagd, had een hele hoge polsslag en ik was bang dat ik zou stikken, omdat ik het gevoel had dat mijn keel werd dichtgeknepen. In paniek belde ik mijn huisarts op, die me adviseerde om direct bij hem langs te komen.

Psycholoog

Hoe ik van Amsterdam naar Bovenkarspel ben gekomen, kan ik mij nauwelijks nog herinneren, maar flink over mijn toeren kwam ik bij de dokter aan. Hij onderzocht me nauwkeurig maar kon wéér niks vinden. Om letterlijk stapelgek van te worden. Ook mijn keel was in orde, dus tijd voor een goed gesprek.

"Ik denk dat je professionele hulp nodig hebt, want ik kan je niet langer begeleiden, daarin ben ik niet gespecialiseerd. Dus als ik je een goede raad mag geven, maak dan een afspraak met een klinisch psycholoog" en hij gaf me het telefoonnummer van Agnes.

Hij had natuurlijk volkomen gelijk. Mijn psychische gesteldheid liet inmiddels duidelijk te wensen over en soms, ja heel soms, zag ik zelfs het leven niet meer zitten.