Effecten van de UV-stralen op ons lichaam
Rubriek: Medisch - CIB Algemeen Op 20 april 2002, Jaarlijkse Contactdag van de CIB-liga in Zeebrugge, gaf Katrien Miseur, vertegenwoordiger van 'La Roche Posay', een uiteenzetting over de nadelige gevolgen van UV-straling en over de bescherming daartegen.
Soorten stralen en het effect van de zon op de huid
De zon produceert verschillende soorten elektro-magnetische stralen: kosmische stralen, gamma-stralen, X-stralen en UVC-, UVB- en UVA-stralen, het zichtbare licht, infraroodstraling en radiostralen.
De eerste vier soorten zijn schadelijk voor de mens, gelukkig worden ze door de ozonlaag tegengehouden. De UVC-stralen zijn de kortste en bereiken ons niet, maar de UVB-stralen met de B van bruinen en branden zorgen ervoor dat we bruinen, maar zijn ook verantwoordelijk voor zonnebrand. De UVA-stralen met de A van het Engelse 'Age en Allergy' dringen dieper in de huid en zijn verantwoordelijk voor de huidveroudering met het krijgen van rimpels alsook voor allergische reacties of fotodermatose. Het zichtbare licht heeft weinig effect op de huid. De infraroodstraling produceert de warmte die we voelen als we in de zon staan. Zonnestralen verminderen de immunitaire bescherming, wat de opflakkering van bepaalde ziekten in de hand werkt. Op lange termijn kan een overmatige blootstelling aan UVB en UVA bepaalde soorten huidkanker veroorzaken.
Hoeveel UV-stralen produceren we elke dag?
Dat hangt af van geografische- en seizoensgebonden factoren, het tijdstip van de dag en klimaat- en omgevingsfactoren.
- Geografische ligging: hoe dichter we bij de evenaar komen, hoe meer UV-stralen wij ondergaan.
- De seizoenen maken dat de UV-straling in de zomer veel sterker is dan in de winter, hoewel de UVA-straling die verantwoordelijk is voor het optreden van allergieën en fotodermatose even werkzaam is in de winter. Daarom moeten we ons ook in de winter tegen de UVA-straling beschermen.
- Het tijdstip van de dag bepaalt de intensiteit van de UV-straling. Van 11.00 uur tot 15.00 uur is er vooral UVB-straling waar te nemen, terwijl de UVA-straling heel de dag aanwezig is, zelfs bij bewolkt weer. Daarom moeten wij ons dagelijks beschermen, ook al is er geen zon.
- Klimaat: in een extreem koud of een extreem droog en warm klimaat wordt de huid vaak op de proef gesteld.
- Omgevingsfactoren: op skivakantie of bij bergtochten moeten we ons extra beschermen tegen de UV-straling. Per 1.000 meter dat we hoger gaan, krijgen we 6 % bijkomende straling. Bij weerkaatsing op sneeuw, maar ook op water, zand of gras krijgen we meer UV-straling te verwerken.
Hoe diep dringen de stralen door in de huid?
De infraroodstraling dringt door tot in de hypodermis of onderste laag van de huid. UVB-straling bereikt enkel de epidermis of eerste oppervlakkige huidlaag terwijl de UVA-straling iets dieper doordringt. Uit studies blijkt dat de UVB- en UVA-straling heel schadelijk en gevaarlijk kunnen zijn voor de gezondheid als we onvoldoende voorzorgsmaatregelen nemen.
Effecten van de zon op ons lichaam
In de zon zitten is gezellig en aangenaam en kan zelfs een antidepressief effect hebben.
De zon is onmisbaar voor het leven van planten, dieren, mensen en zorgt voor de aanmaak van vitamine D, die we allen nodig hebben voor onze botopbouw.
Door blootstelling aan de zon treedt er een onmiddellijke en een uitgestelde pigmentatie op en kunnen we bruinen, maar riskeren we ook een aantal kwaadaardige effecten zoals zonne-erytheem of zonnesteek, immunosuppressie, fotodermatosen, heliodermie of huidveroudering, huidkanker.
Zonne-erytheem
Drie à vijf uur na overmatige blootstelling aan de zon wordt de huid niet bruin, maar knalrood en kan brandwonden vertonen van de eerste, tweede en zelfs de derde graad. Dan spreekt men van een zonnesteek of zonne-erytheem. Pas 72 uur na de blootstelling aan de zon verdwijnt de roodheid. In ernstige gevallen is het aangewezen een arts te raadplegen.
Immunosuppressie
Zonnestralen kunnen onze immunitaire bescherming verminderen, waardoor virussen opnieuw kunnen opflakkeren, bv. herpes labialis (koortsblaasjes op de lippen).
Bij lupuspatiënten kan de zon een opstoot uitlokken.
Fotodermatose (Grieks: fos, fotos = licht)
Bij de verschillende fotodermatosen vertoont men een allergische reactie of overgevoeligheid aan het licht.
- Als er geen oorzaak voor de huidreactie kan aangetoond worden, spreekt men van een idiopathische dermatose.
- Bij zonneallergie krijgt men roodheid en blaasjes die gepaard gaan met ernstige jeuk op aan de zon blootgestelde lichaamsdelen zoals het décolleté, de rug van de handen en de voeten.
- Fotosensibiliteit is een huiduitslag die opkomt doordat de inname van medicatie zoals bepaalde soorten antibiotica onze natuurlijke bescherming tegen de zon kan verstoren.
- Bij acné kan blootstelling aan de zon bij aanvang verbetering brengen, maar op langere termijn een opflakkering van de dermatose bewerkstelligen.
- Melasma of hyperpigmentatie van de huid in het gezicht zoals bv. een zwangerschapsmasker kan door zonnestraling verergeren.
- Bij discoïde- of huidlupus kan blootstelling aan de zon de letsels sterk doen toenemen
Heliodermie of huidveroudering (Grieks: hèlios = zon)
Door huidveroudering krijgt iedereen rimpels omdat de huid slapper wordt en is de kans op het krijgen van pimentvlekken groter. Blootstelling aan de zon zal het proces versnellen en heliodermie in de hand werken.
Huidkanker
- Kwaadaardige vormen van een epithelioom zijn kankergezwellen die kunnen optreden door een aanhoudende blootstelling aan de zon zoals bij mensen die altijd in openlucht werken.
- Melanomen zijn kwaadaardige gezwellen die ontstaan uit pigmentcellen van een moedervlek en vaak voorkomen bij mensen die veel risico's nemen door korte intense blootstellingen aan de zon. Wie een aantal keren fel werd verbrand, heeft meer kans op het krijgen van een melanoom, dat zeer agressieve en levensbedreigende vormen kan aannemen.
Hoe kunnen we ons beschermen?
De schadelijke effecten van de zon kunnen we vermijden door onze natuurlijke fotoprotectie (zonlichtbescherming) en met fysieke en externe bescherming.
De natuurlijke zonlichtbescherming
Door de uitscheiding van melanine wordt onze huid gedeeltelijk beschermd tegen het indringen van zonnestralen. Melanine is het bruine pigment in de huid dat ervoor zorgt dat we bij blootstelling aan de zon zullen bruinen.
- Bij zonnebrand door UV-straling kan onze genetische code, het DNA, worden beschadigd. Onze auto-reparatiemechanismen kunnen bij een goed werkende immuniteit voor herstelling zorgen.
- Door verdikking van de hoornlaag of buitenste huidlaag worden de onderliggende lagen beschermd.
- Het fototype (huidtype) waartoe we behoren zal een belangrijke rol spelen in onze natuurlijke fotoprotectie (huidbescherming).
De fysieke zonlichtbescherming
De fysieke fotoprotectie of de keuze van onze kleding kunnen we zelf bepalen.
Witte en andere lichtgekleurde kleding zorgt ervoor dat we het minder warm hebben, maar donkere kleding beschermt dubbel zo goed. De structuur van de kleding speelt een belangrijke rol. Een jeans laat weinig zonnestraling door, in tegenstelling tot bv. nylonstoffen.
Vochtige kleren houden minder UV-licht tegen, zodat bv. kinderen die met een nat T-shirt op het strand spelen gemakkelijk zullen verbranden.
De externe zonlichtbescherming
Door het gebruik van zonnecrèmes beschermen we de huid met minerale en chemische filters.
- Minerale filters zijn van minerale oorsprong zoals talk of zinkoxide; ze zijn zo goed als onoplosbaar en hebben een hoog dekkend vermogen. Daardoor kreeg de huid bij het gebruik van de oudere zonnecrèmes een wit aspect. Deze minerale filters kunnen we vergelijken met spiegeltjes die de zonnestralen weerkaatsen of breken, waardoor ze in allerlei richtingen worden teruggestuurd.
- Chemische filters zijn synthetische moleculen die door hun structuur zonnestralen kunnen absorberen en ze daardoor ook onschadelijk maken.
Samenstelling en beschermingsfactoren van zonnecrèmes
Bij het ontwikkelen van zonnecrèmes maakt La Roche-Posay in de gamma Anthélios gebruik van minerale en chemische filters omdat beide soorten voor- en nadelen hebben. Om doeltreffend te zijn moet een zonnecrème zowel de UVB- als de UVA-straling tegenhouden, efficiënt blijven bij zweten, waterresistent en cosmetisch verantwoord zijn. De producten mogen dus geen vette laag vormen als van een wit masker. Zonnecrèmes mogen ook geen allergische reacties uitlokken.
De beschermingsfactor van de zonnecrème staat altijd op de verpakking vermeld. SPF staat voor Sun Protection Factor, BF of Beschermingsfactor; 60 + geeft de beschermingscapaciteit aan van het product. De methode om de UVB-straling te evalueren is universeel en dus in elk bedrijf hetzelfde, waardoor de beschermingsfactor van zonneproducten van verschillende merken overeenkomt.
Terug naar Artikels
|