|
|
Panniculitis: vetweefselontstekingRubriek: Medisch - Vasculitis Panniculitis (ook nodulaire [d.i. knobbelige] vetnecrose genoemd) is een doorgaans pijnlijke ontsteking in het vetweefsel. De dikte van het onderhuidse vetweefsel verschilt van persoon tot persoon. Bovendien zijn er ook nog eens verschillen in de verdeling van het vetweefsel over het lichaam: het vetweefsel zit op sommige plaatsen wat vaster op de onderlaag dan op andere. Vetweefsel is een type verbindingsweefsel dat opgeslagen cellulair vet bevat. Zijn hoofdrol is energie op te slaan, hoewel het ook beschermt en het lichaam isoleert. Het heeft een belangrijke endocriene functie (afgifte van hormonale stof in het bloed) in het produceren van onlangs ontdekte hormonen zoals leptin, resistin en TNFα. Lobulaire panniculitis zonder vasculitisKomt voor bij fysische oorzaken zoals koude, chemische stoffen, injecties en siliconen (borstimplantaten bijv.). Bij panniculitis t.g.v. koude worden diepe noduli of plaques (afzettingen) gezien, soms verheven of rood, soms koud. De plekken ontstaan 6 à 72 uur na blootstelling aan koude. Bij kinderen komen die vooral voor op de wangen en kin, bij volwassenen op billen en dijen, soms op de buik. Warme kleding is de enige therapie. Lobulaire panniculitis in het kader van systeemziekten wordt voornamelijk gezien bij LE (lupus panniculitis of lupus profundus) en dermatomyositis. Lobulaire panniculitis met vasculitisIs vooral bekend als nodulaire vasculitis. Meestal is er ook sprake van septale aantasting. De aandoening bestaat uit terugkerende groepen pijnlijke rode nodulaire onderhuidse letsels, meestal aan de onderbenen, soms echter op andere plaatsen. In 1 op 2 gevallen wordt geen oorzaak gevonden en verdwijnen de letsels spontaan. Bij sommige patiënten wordt wel een oorzaak gevonden. Het kan dan gaan om tuberculose, streptokokkeninfectie of andere infecties, darmontstekingen, sarcoïdose, ziekte van Behçet of andere systeemaandoeningen. Soms gaat de ontsteking gepaard met koorts, rillingen, malaise, leukocytose (verhoging witte bloedcellen), gewrichtsklachten, lymfklierzwelling. Doorgaans gaat die vorm spontaan in regressie binnen 3-6 weken. Septale panniculitis zonder vasculitisWordt gezien bij sclerodermie en eosinophilic fasciitis. Septale panniculitis met vasculitisWordt gezien bij trombflebitis, polyarteritis nodosa, cutane polyarteritis nodosa, leukocytoclastische vasculitis en sclerodermie/morphea. Meestal beperkt panniculitis zich tot het onderhuidse vetweefsel. In ernstige gevallen kunnen echter ook verschillende organen getroffen worden. BehandelingDe behandeling wordt ingesteld op basis van de bevindingen van het weefselonderzoek. Door de aard van de immuuncellen die aangetroffen worden in het biopt kan de arts zich een idee vormen van de onderliggende oorzaak. Afhankelijk van de gevonden oorzaak of de achterliggende aandoening varieert de behandeling van geen tot vrij hoge dosis cortison of immuunremmers. Bij sommige aandoeningen kan panniculitis gepaard gaan met verzwering door de verstoring van de bloedtoevoer. |
|
| CIB zijn ernstige aandoeningen.
Het stellen van de diagnose is een zaak van de huisarts of de specialist. Voor medisch advies, raadpleeg uw arts. | |