Home

Chronische atrofische gastritis

Rubriek: Medisch - Sjögren-syndroom

Chronische atrofische gastritis, een chronische ontsteking van het maagslijmvlies, komt meer voor bij Sjögrenpatiënten dan bij de doorsnee patiënt.

Het maagslijmvlies

De binnenkant van de maag (gaster) is bekleed met een dikke slijmlaag, waarin de maagklieren liggen. Die produceren het maagsap.
In het laatste gedeelte van de maag (het antrum) bevat het slijmvlies klieren met pariëtale (wand) cellen die zoutzuur en intrinsic factor (IF) aanmaken. Zoutzuur beschermt de maag tegen bacteriën en helpt samen met andere producten bij de vertering.
Intrinsic factor is nodig voor de opname van vitamine B12 (cobalamine), een extrinsic factor. Vitamine B12 kan alleen opgenomen worden in het lichaam als het zich bindt aan intrinsic factor. (Vitamine B12, die van buiten het lichaam komt (ex) moet zich kunnen binden aan een element dat zich in (intra) het lichaam bevindt.) Die opname gebeurt in het laatste deel van de dunne darm via receptoren voor IF.

Figuur: maag + aanduiding van het antrum

Chronische atrofische gastritis

Bij chronische atrofische gastritis wordt het slijmvlies aangetast, het wordt dunner en het aantal klieren neemt af, vandaar spreekt men van atrofie: verkleinen, verminderen, verschrompelen.
Als de pariëtale cellen aangetast zijn, vermindert of verdwijnt het zoutzuur in het maagsap (hypo- of achloorhydrie) en ontstaat een tekort aan intrinsic factor (IF). Vitamine B12 wordt niet meer opgenomen en hierdoor kan pernicieuze anemie ontstaan, een ernstige vorm van bloedarmoede. Het Latijnse woord ‘Pernicies’ staat voor ‘vernietiging’. Tot 1929 was de ziekte dodelijk, omdat men er de oorzaak niet van kende.
Chronische atrofische gastritis (type A), wordt veroorzaakt door auto-antistoffen tegen de pariëtale cellen.

Klachten

Bij een milde vorm van chronische atrofische gastritis zijn er veelal geen tot weinig klachten. Soms klaagt de patiënt over vage, moeilijk te omschrijven pijn in de bovenbuik. Een gebrekkige eetlust, vermagering, een opgeblazen gevoel, misselijkheid, zuurbranden kunnen voorkomen. Sommige onderzoekers menen dat het branderig gevoel in de mond, mondbranden genoemd, dat veel bij Sjögrenpatiënten voorkomt, o.a. het gevolg zou kunnen zijn van een tekort aan vitamine B12.

Een patiënt met pernicieuze anemie is snel moe, kortademig en kan last hebben van hartkloppingen. Ook maag- en darmklachten en een pijnlijke tong komen voor. In een later stadium kunnen neurologische klachten optreden, zoals een dof gevoel en prikkelingen in handen en voeten.

Hoe wordt de diagnose gesteld?

De maag-darmspecialist is de aangewezen arts om chronische atrofische gastritis te behandelen. Hij stelt een diagnose via maag- en bloedonderzoek. Indien nodig kan hij een gastroscopie en een bioptie van het antrumslijmvlies uitvoeren, maagsap en speeksel onderzoeken, antistoffen tegen pariëtale cellen, o.a. intrinsic factor en pernicieuze anemie opsporen.

Behandeling

Aan de hand van het onderzoek beslist de arts of medicatie nodig is en welke. Met de arts moet besproken worden welke medicatie voor andere aandoeningen, het best gemeden wordt. Doordat chronische atrofische gastritis een licht verhoogde kans op maagkanker geeft, is een geregeld maagonderzoek aangewezen. Zelf kan de patiënt slijmvliesbeschadigingen voorkomen door alcohol te vermijden en het gebruik van koffie en maagprikkelend voedsel te beperken.

Wie lijdt aan pernicieuze anemie krijgt geregeld vitamine B12 injecties.

M.-L. Van Roosebeke

Terug naar Artikels