Sclerodermie en milieufactoren
Rubriek: Medisch - Sclerodermie Overzicht van de literatuur
Samenvatting en vertaling: Dr. Vera Machtelinckx, huisarts
Bron: Service de rhumatologie,
hôpital Pellegrin-Tondu, CHU de Bordeaux
O. Hallé, T. Schaeverbeke, B.Bannwarth, J. Dehais.
Inleiding
De oorzaak van sclerodermie is nog steeds niet achterhaald, maar milieufactoren en iatriogene (door medisch ingrijpen veroorzaakt) elementen, zoals scheikundige stoffen, worden in vraag gesteld.
Enkel voor siliciumdioxide is men zeker dat deze blootstelling verantwoordelijk is voor een epidemiologisch aantoonbare verhoging van het aantal gevallen.
Gesiliconeerde borst-implantaten, solventen, Spaanse olie en medicamenten werden eveneens onder de loep genomen.
Silicium
In sommige mijnen werden bijzonder veel gevallen van sclerodermie gediagnosticeerd (Zuid-Afrikaanse goudmijnen).
In Frankrijk en in België wordt sclerodermie erkend als beroeps-ziekte bij mijnwerkers die 10 jaar ondergronds werkten.
Silicone
Een polymeer dat bestaat uit Silicium (Si) en zuurstof (O2) wordt veel gebruikt in de geneeskunde voor lenzen en voor mammaire (of testiculaire) implantaten.
Bij proefdieren werd niet aangetoond dat dit materiaal oorzaak zou zijn van een sclerodermiform syndroom; wel zou een huidfibrose voorkomen evenals autoantilichamen.
Bij silicone is sclerodermie de meest voorkomende bindweefselziekte gevolgd door lupus, polyartritis, en polymyositis.
In totaal echter zijn slechts 5% van de sclerodermiegevallen veroorzaakt door silicone prothesen.
De FDA (Food and Drug Administration) van de USA eist een register waarin alle individuen die een prothese krijgen, geregistreerd worden, teneinde hen in de tijd op te volgen. Maar actueel zijn de observaties niet overtuigend om tot een nefaste invloed te besluiten.
Solventen
Geen enkele epidemiologische studie werd uitgevoerd zodat de observaties niet kunnen bevestigd worden.
Het monomeer (structuur) van vinylchloride zou verantwoordelijk kunnen zijn voor bindweefselziekten.
Medicamenten
- Bleomycine, een therapeutisch middel voor kankerpatiënten werd verantwoordelijk gesteld voor 2 gevallen van sclerodermie.
- Anorexigene producten (hongerstillers) werden verantwoordelijk gesteld voor sclerodermie.
- D-penicillamine gebruikt als behandeling van o.a. sclerodermie zou enkel huidreacties van sclerodermiforme aard uitgelokt hebben.
- Carbidopa + L5 OH Trytofaan: (= een enzym) slechts enkele gevallen bekend.
- Pentazocine (Fortal*) geeft een lokale inflammatoire reactie.
- Vitamine K1 wordt geïnjecteerd en heeft cutane sclerodermi-forme letsels veroorzaakt (40 gevallen) die echter verdwenen na 12 à 18 maanden.
Cocaïne
Door vasoconstrictie (sluiten van de bloedvaten) en endotheliale (lesies van de wanden) lesies werden plaques gevormd met vrijstelling van serotonine, wat een fibrose veroorzaakt.
Besluit
Het lijkt ernaar dat milieufactoren een zekere rol kunnen spelen in het uitlokken van sclerodermie.
Men veronderstelt dat het erfelijk materiaal (de genen) het individu soms beschermt tegen deze uitlokkende milieufactoren.
Terug naar Artikels
|