|
|
Depressie bij sclerodermieRubriek: Medisch - Sclerodermie Volgens een nieuwe studie (The Journal of Rheumatology, januari 2005) hebben patiënten met systeemsclerose een sterk verhoogde kans op het ontwikkelen van een depressie. Het rapport vermeldt ook dat ondanks deze tendens, slechts aan weinig patiënten antidepressiva worden voorgeschreven. “Slechts 19% met een hoge depressiescores neemt antidepressiva," zegt dr. Paul Nietert, de auteur van de studie. Gedurende lange tijd concentreerden reumatologen zich enkel op de medische aspecten van hun patiënten, zonder ze te helpen met de psychologische uitdagingen van hun ziekte. Dit aspect hangt nochtans sterk samen met de levenskwaliteit. Nietert en zijn team wijzen erop dat, hoewel de systeemsclerose getypeerd wordt door aantasting van de huid en een grote verscheidenheid aan orgaanaantasting, de ziekte grote gevolgen voor de psychologische gezondheid heeft. Eerdere studies schatten dat ongeveer 17% van de patiënten aan een gematigde tot ernstige depressie lijdt. Dit is meer dan het geval is bij patiënten lijdend aan andere chronische ziekten. De onderzoekers merken op dat het samengaan van aandoeningen (co-morbiditeit) met depressie een belangrijk negatief effect kan hebben en zelfs tot verergering van de fysieke symptomen en verhoogde sterfterisico kan leiden. Zij voegen eraan toe dat de onbehandelde co-morbiditeit ook een hogere kostprijs heeft door meer ziekteverlet en ziekenhuisopnames. Het onderzoekNietert e. a. onderzochten of bij 72 patiënten met systeemsclerose, demografische (m.b.t. de bevolking) en klinische factoren met depressie konden worden geassocieerd. Deelnemers aan de studie vulden 3 vragenlijsten in:
Deze studie bevestigt de vroegere observatie dat de depressie bij systeemsclerose vrij algemeen is. De analyse van de onderzoeksscores wijst erop dat 36,1% van de patiënten waarschijnlijk een ernstige klinische depressie zal ontwikkelen. De studie wijst een aantal verbanden aan die echter niet noodzakelijk als oorzakelijk moeten gezien worden. Zo bleek dat aanwezigheid van depressie sterk samenging met:
Nietert e.a. wijzen op een aantal beperkingen van hun onderzoek. Zij vragen zich of hoe veralgemeenbaar de resultaten zijn, gezien de studie zich enkel concentreerde op patiënten van een universitair ziekenhuis. De respons op de vragenlijsten was slechts matig (58%), en factoren als sociale steun en coping (manier om het hoofd te bieden aan problemen) werden niet nagegaan. De onderzoekers stellen toch een agressievere behandeling van depressie voor. Zij adviseren een combinatie van goede gezondheidsvoorlichting, counseling (ondersteuning bij het verhelderen van probleemsituaties en het maken van – nieuwe - keuzes), en een behandeling met antidepressiva. |
|
| CIB zijn ernstige aandoeningen.
Het stellen van de diagnose is een zaak van de huisarts of de specialist. Voor medisch advies, raadpleeg uw arts. | |