Home

MCTD/UCTD, zoek de verschillen

Rubriek: Medisch - MCTD
Diane Thora

Enkele lezers vroegen ons het onderscheid tussen MCTD en UCTD eens duidelijk uit te leggen. We zetten de verschillen (en gelijkenissen) nog eens op een rijtje.

Beide aandoeningen zijn bindweefselziekten, maar geen typische vormen ervan. De klassieke of typische ziekten omvatten lupus, reumatoïde artritis, sclerodermie, polymyositis en dermatomyositis. Gewoonlijk beïnvloedt elk van die aandoeningen mensen op een heel kenmerkende wijze. Er zijn karakteristieke afwijkingen terug te vinden gedurende het medische onderzoek. Vaak zijn er ook kenmerkende abnormaliteiten terug te vinden d.m.v. bloedonderzoek en is er sprake van typische patronen van antilichamen. Elk van deze aandoeningen evolueert langzaam (soms snel) van subtiele ziekteverschijnselen tot heel duidelijke typische ziektebeelden.
Als aan die voorwaarden niet voldaan is, benoemen de artsen de aandoening als MCTD of als UCTD. Dat zijn beide bindweefselziekten en het gaat dus niet om een “vluchtdiagnose” omdat de dokter er niet uit geraakt.

MCTD

Mixed Connective Tissue Disease is Engels voor “gemengde bindweefselziekte”.
De ziekte wordt beschouwd als een mengeling van drie typische aandoeningen nl. lupus, sclerodermie en polymyositis. De patiënten vertonen klachten van elk van die aandoeningen. Ze hebben ook heel hoge hoeveelheden Anti Nucleaire Antistoffen (ANA) en anti-mp (ribonucleoproteïne). Daarbij kunnen ook klachten van andere typische bindweefselziekten voorkomen.
In de wiskunde is 1+1+1 altijd gelijk aan 3. Het is nooit anders. In het dagelijkse leven, dus ook bij ziekten die deel uitmaken van het leven, is de som altijd meer dan de delen. Sclerodermie + lupus + polymyositis = MCTD. Vergelijk het met het maken van roomijs. Je mixt de verschillende ingrediënten en je krijgt een totaal nieuw product. Stel je voor dat je afzonderlijk de melk dronk, de boter opat ... Zeker niet de smaak van roomijs! De ervaren kok, die tot de vaststelling komt dat één bepaald bestanddeel niet in huis is, vervangt dat al experimenterend door een ander soortgelijk product bijv. room door mascarpone. Zo is het ook een beetje bij MCTD, een beetje lupus, een klets polymyositis met een grote lepel sclerodermie, verfijnd met een vleugje reumatoïde artritis (deze combinatie wordt soms rhupus genoemd). Alleen is hier jammer genoeg geen keukenplezier aan te beleven, je kunt zelfs vaak niet in de keuken staan door je MCTD.

UCTD

Undifferentiated Connective Tissue Disease is Engels voor “niet gedifferentieerde bindweefselziekte. Die naam wijst erop dat de kenmerkende eigenschappen die nodig zijn om de klassieke bindweefselaandoeningen te bepalen, niet of onvoldoende aanwezig zijn. Als je bij de bereiding van roomijs geen room of volle melk gebruikt, heb je als resultaat (consumptie)ijs en geen roomijs. IJs is ook lekker en het is ook een reëel bestaand product, maar het vertoont niet de typische kenmerken van roomijs. Zo is het ook met UCTD. Er zijn voldoende symptomen, bloedafwijkingen enz. aanwezig om tot een bindweefselziekte te besluiten, maar er zijn niet voldoende criteria om een typische bindweefselziekte te diagnosticeren. Het is wel een reële ziekte en niet iets wat als een “vuilbakdiagnose” gezien wordt. Als je achteraf slagroom op je ijs doet, heb je nog geen roomijs, maar ijs met slagroom. Als er bij de bestaande klachten ééntje bij komt, is dat vaak nog onvoldoende om tot een klassieke diagnose te komen. Wel is het zo dat een deel van die patiënten uiteindelijk evolueert naar één klassieke aandoening. Vaak is deze aandoening dan sclerodermie.

Terug naar Artikels