Het ontwikkelingsproces van een geneesmiddel
Apotheker Paul Gilis
Als we de apotheek binnenstappen voor onze noodzakelijke medicatie, worden we geconfronteerd met het eindresultaat van een jarenlange ontwikkeling: het gecommercialiseerde geneesmiddel.
Ik wil u even meenemen op de lange ontwikkelingstocht van een geneesmiddel, van zijn ontdekking tot het gebruik door de patiënt.
Wereldwijd worden in de zoektocht naar nieuwe middelen tegen alle mogelijke ziekten en aandoeningen dagelijks ontelbare nieuwe scheikundige verbindingen ontdekt en aangemaakt. Al deze stoffen volgen dezelfde weg in hun ontwikkeling tot een geneesmiddel.
Wie herinnert zich niet het softenondrama? Softenon werd sinds de jaren 50 voorgeschreven voor de behandeling van ochtendmisselijkheid bij zwangere vrouwen. Begin de jaren 1960 kwam het teratogene effect (veroorzaakt misvormingen tijdens de prenatale ontwikkeling) aan het licht door de geboorte van veel misvormde baby’s. Deze gebeurtenissen hebben een effect gehad zowel op de controlerende, regulerende instanties (Ministerie van Volksgezondheid) als op de farmaceutische industrie zelf, door zelfregulering (strenge selectiecriteria bij de beoordeling van de ontwikkeling van een nieuw geneesmiddel). Sinds het softenondrama is er dus meer aandacht voor de mogelijke toxiciteit van nieuwe geneesmiddelen en heeft dit onderzoek veel meer tijd en middelen opgeslorpt.
De ontwikkeling van een nieuw geneesmiddel kan ruwweg onderverdeeld worden in volgende fasen:
1 Het pre-klinisch onderzoek
In deze fase wordt met behulp van laboratorium- en dierproeven de biologische activiteit van een nieuwe verbinding tegen een bepaalde aandoening getest, evenals de evaluatie van de veiligheid van het product. Hierbij wordt gebruik gemaakt van proefdieren, wat voor dierenrechtenorganisaties een doorn in het oog is. Het aantal proefdieren neemt echter jaarlijks af door het gebruik van celculturen.
Na het softenondrama is het belang van de pre-klinische onderzoekfase sterk toegenomen en duurt nu voor nieuwe geneesmiddelen 5 tot 6 jaar. Gemiddeld haalt slechts 1 op 1000 onderzochte verbindingen de eindstreep van het pre-klinisch onderzoek en kan ze overgaan naar de volgende fase.
2 Het klinisch onderzoek
Hierbij wordt het geneesmiddel aan mensen toegediend.
Om de toelating te krijgen voor het starten van studies bij mensen moet er voor het nieuwe geneesmiddel een omvangrijk aanvraagdossier worden opgesteld. De regulerende autoriteiten (inspecties) beoordelen de aanvraag en dit gebeurt heel grondig.
Na een gunstig advies door de overheid kan de klinische studiefase beginnen. Die is strak georganiseerd en omvat volgende stappen:
Fase 1 van de klinische studies
Het geneesmiddel wordt toegediend aan gezonde vrijwilligers. De veiligheid van de verbinding bij gebruik bij mensen wordt bepaald en de dosisveiligheidsmarge wordt vastgelegd. Verder leveren deze studies informatie over de opname van het geneesmiddel, de verspreiding in het lichaam, de omzetting en uitscheiding, alsook de werkingsduur. Zo’n 20 tot 80 personen zijn betrokken bij deze fase. Ze neemt ongeveer een jaar in beslag.
Fase 2 van de klinische studies
Hierbij zijn 100 tot 300 patiënten betrokken op vrijwillige basis, met als doel de efficiëntie van het nieuwe geneesmiddel aan te tonen bij personen die lijden aan de aandoening waarvoor het nieuwe geneesmiddel bestemd is. Doel is hier de juiste doseringsmarge te bepalen. Deze fase duurt ongeveer 2 jaar.
Fase 3 van de klinische studies
Dat zijn heel uitgebreide studies waarbij grote aantallen patiënten (1 000 tot 3 000 en soms meer) betrokken zijn en die gedurende meerdere jaren lopen (meestal 3 jaar of meer).
Naast het verzamelen van gegevens over de doeltreffendheid van het nieuwe geneesmiddel vormt het opsporen van eventuele ongewenste neveneffecten een tweede belangrijk aspect. Het grote aantal behandelde patiënten en de lange studieduur bieden de mogelijkheid eventuele - zelfs zeldzame - neveneffecten op te sporen.
Tijdens de klinische studiefase zullen nog 4 op de 5 geteste producten de eindstreep niet halen.
Wanneer op het einde van fase 3 van het klinisch onderzoek de klinische gegevens geanalyseerd zijn, kan de farmaceutische firma een registratiedossier samenstellen dat alle wetenschappelijke informatie over het nieuwe geneesmiddel bevat, zoals ze door de firma verzameld werd.
Het registratiedossier wordt ingediend bij de bevoegde overheid (in Europa bij het EMEA of European Medicines Evaluation Agency in Londen; in de Verenigde Staten bij de FDA of Food and Drug Administration). Deze instanties bestuderen het dossier heel kritisch, vragen eventueel bijkomende inlichtingen of eisen zelfs om bijkomende studies. Zij zullen oordelen of het nieuwe geneesmiddel al dan niet in de handel mag worden gebracht. Dit beoordelingsproces neemt 1 tot 2 jaar in beslag.
Zo zal uiteindelijk bij een positieve beslissing slechts 1 op 5000 nieuw ontdekte verbindingen zijn plaats vinden in de apotheek als geneesmiddel, gemiddeld 12 tot 15 jaar na zijn ontdekking. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat met farmaceutisch onderzoek en ontwikkeling waanzinnige bedragen gemoeid zijn (300 miljoen euro per geregistreerd geneesmiddel).
Terug naar Artikels
|